Een (civiele) gerechtelijke procedure ? kan een uitkomst bieden in situaties dat twee partijen niet tot een oplossing komen over een openstaande vordering. Zo’n procedure is niet meer dan een vraag aan de rechter ? om een oordeel te geven over de vordering. Pas nadat een rechter heeft geoordeeld dat de facturen terecht zijn, heeft de schuldeiser extra mogelijkheden om de facturen te incasseren.
De dagvaarding: een uitnodiging die vaak wat minder leuk is
Een gerechtelijke procedure begint met het uitbrengen van een dagvaarding door een gerechtsdeurwaarder. Hierin wordt de debiteur (in de procedure de ‘gedaagde partij’ genoemd) opgeroepen om voor de rechtbank te verschijnen. De datum en tijd van de eerste zitting staan genoemd en de eisende partij (degene namens wie de dagvaarding is uitgebracht) legt uit welk bedrag wordt gevorderd en waarom.
De eerste zitting wordt een rolzitting genoemd. Een rolzitting is geen zitting zoals je die wellicht kent van rechtbankseries, de eisende partij hoeft hierbij namelijk niet aanwezig te zijn. Het is (enkel) de gedaagde die de mogelijkheid krijgt om zijn verweer kenbaar te maken. Dit kan zowel mondeling als schriftelijk.
Als de gedaagde niets van zich laat horen, dan wordt verstek ? verleend. In dat geval wijst de rechter de vordering toe, tenzij deze onrechtmatig of ongegrond is. De eisende partij wordt dan dus in het gelijk gesteld.
De conclusie van antwoord: de gedaagde aan zet
Het kan ook zijn dat de gedaagde wél iets van zich laat horen. In de zogenaamde ‘conclusie van antwoord ?’ (soms niets meer dan een handgeschreven briefje aan de rechtbank) kan de gedaagde laten weten waarom hij het oneens is met de vordering uit de dagvaarding.
Van verweer naar comparitie óf tweede schriftelijke ronde
Nadat de conclusie van antwoord is ontvangen, kan de rechter twee besluiten nemen:
- Een comparitie van partijen inlassen: dit is een fysieke zitting bij de rechtbank waarbij beide partijen aanwezig zijn. De partijen houden geen ‘pleidooi’, maar de rechter zal vragen stellen om een duidelijk beeld te krijgen van de zaak. Aan het eind van de comparitie krijgen de partijen ook altijd de mogelijkheid om te kijken of ze er (toch) samen uitkomen, bijvoorbeeld door te schikken. Dit gebeurt op de gang zonder dat de rechter hierbij is. Meestal laat de rechter vooraf wel weten hoe tegen de zaak wordt aangekeken. Als partijen een overeenstemming bereiken, wordt dit vastgelegd in een zogenaamd proces-verbaal. Dit heeft dezelfde kracht als een uitspraak van de rechter.
- Partijen schriftelijk nogmaals op elkaar laten reageren: de eiser reageert in de ‘conclusie van repliek’ en de gedaagde in de ‘conclusie van dupliek’.
Tijd voor de beslissing: het vonnis
Na de comparitie (waarin geen schikking is bereikt) of de tweede schriftelijke ronde, doet de rechter een uitspraak over de zaak. Deze uitspraak wordt een vonnis genoemd: hierin is te lezen welke partij in het gelijk wordt gesteld. Bij vorderingen boven de € 1750 kunnen partijen binnen drie maanden eventueel nog hoger beroep ? instellen. Gebeurt dit niet (op tijd) of is de vordering lager dan het genoemde bedrag, dan eindigt hiermee de procedure.
Als de partij die tot betaling is veroordeeld, niet vrijwillig aan het vonnis voldoet, kan er beslag worden gelegd op bijvoorbeeld het inkomen of de inboedel van de debiteur. Voorwaarde voor beslaglegging is wel dat het vonnis eerst aan deze partij wordt uitgereikt (betekend) door de gerechtsdeurwaarder.
Twijfel je of het zinvol is om een gerechtelijke procedure te starten? Of ben je degene die een dagvaarding heeft ontvangen en wil je je laten bijstaan? In beide gevallen helpen wij je graag verder.