Schuldhulpverlening en schuldsanering
Schuldhulpverlening en schuldsanering: het zijn twee termen die je ongetwijfeld weleens voorbij hebt horen komen. Misschien heb je zelfs te maken met een debiteur die in zo’n traject terechtkomt. Maar wat betekent dat precies voor jou als schuldeiser? Kun je dan fluiten naar je geld, of is er nog hoop op betaling?
Een brief van de gemeente. Wat nu?
Iedere natuurlijke persoon ? kan hulp vragen aan zijn/haar gemeente bij het oplossen van schulden. De gemeente is verplicht om hulp te verlenen ?. Dit wordt ‘schuldhulpverlening’ genoemd, niet te verwarren met de wettelijke schuldsanering (WSNP). Bij de start van het traject brengt de gemeente alle schulden in kaart én kijkt de gemeente wat er aan gelden binnenkomt (bijvoorbeeld loon of uitkering). Als de situatie helder is, wordt er een betaalvoorstel gedaan aan alle schuldeisers. Hierbij wordt rekening gehouden met een ‘vrij te laten bedrag (VTLB)’ voor de debiteur: iemand moet geld overhouden voor de eerste levensbehoeften, niet álle inkomsten kunnen worden gebruikt om de schuldeisers van te betalen.
Het betaalvoorstel is in de meeste gevallen een voorstel tegen finale kwijting, omdat er onvoldoende geld beschikbaar is om alle schuldeisers volledig te kunnen betalen. Daarom wordt er naar rato een bedrag aangeboden om de vorderingen mee ‘af te kopen’. Schuldeisers zijn niet verplicht om hiermee akkoord te gaan. ?
Het schuldhulpverleningstraject duurt 18 maanden. Als alle schuldeisers akkoord zijn gegaan én de afspraken tussen de debiteur en de gemeente zijn nagekomen, worden alle schuldeisers conform afspraak uitbetaald en is de debiteur na deze periode schuldenvrij.
Akkoord onder dwang
Het kan gebeuren dat één of enkele schuldeisers het voorstel van de gemeente afwijzen, terwijl de rest wél akkoord gaat. In zo’n geval kan de debiteur een verzoek indienen bij de rechtbank om de weigerende schuldeiser(s) te dwingen om in te stemmen. Dit wordt het ‘verzoek dwangakkoord’ genoemd. Het verzoek wordt door de rechtbank toegewezen als de schuldeiser niet in redelijkheid tot weigering van het voorstel heeft kunnen komen. De schuldeiser weigert bijvoorbeeld uit principe, zonder het voorstel serieus te hebben overwogen. Als het verzoek wordt toegewezen, verloopt de rest van het traject zoals hiervoor is beschreven.
Heeft de weigerende schuldeiser echter een goede reden om niet akkoord te gaan ?, dan zal deze schuldeiser niet door de rechter worden gedwongen om in te stemmen. In dat geval mislukt het schuldhulpverleningstraject. De debiteur kan dan nog wel een verzoek doen om te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsanering.
Als schuldhulpverlening niet lukt: de stap naar schuldsanering
Een schuldsaneringsverzoek wordt ingediend bij de rechtbank. Om te worden toegelaten, gelden enkele vereisten. Eén hiervan is dat de debiteur een schuldhulpverleningstraject heeft geprobeerd, maar dit is niet gelukt.
Als de debiteur wordt toegelaten tot de schuldsanering, gelden er een aantal (strenge) verplichtingen. ? Zo is de debiteur verplicht om minstens 36 uur per week te werken óf geldt een sollicitatieverplichting. ?
Ook een schuldsaneringstraject duurt 18 maanden. Als de debiteur zich aan alle regels houdt, verleent de rechter na afloop een ‘schone lei’. Dat betekent dat de beschikbare gelden naar rato worden uitgekeerd aan alle schuldeisers en dat het restant van de vorderingen niet meer opeisbaar is.
Houd grip op je vordering
Zit jouw debiteur in een schuldhulpverlenings- of schuldsaneringstraject? Wij helpen je graag om inzicht te krijgen in je mogelijkheden. Samen bedenken we de beste strategie om jouw vordering zo goed mogelijk veilig te stellen. Neem gerust contact op!